1. Release 4.20

1.1. Abstract

Dit document documenteert Brocade release 4.20.

Werkplannen

1.2. Diversen

1.2.1. Layout

  • in de code (*.x files) werden de constructies bgcolor= weggewerkt door nieuwe klassen in de workspace.css file:

    • .workspace-td-view
    • .workspace-td-warning
    • .workspace-td-error
    • .workspace-td-processed

    Deze klassen zijn gedefinieerd in layout/standard/workspace.css. De klassen dienen manueel toegevoegd te worden in layout/<server>/workspace.css indien de Brocade server gebruik maakt van een specifieke layout.

    Zie Issue 2667: Rel. 4.20: bgcolor constructies in *.x files

1.2.2. Alerts

  • De stijl van de alerts bij login werd herwerkt.

    _images/login.png
  • Ook de alert bij waarschuwing, bij fout en bij bevestiging van schrappen kregen een nieuwe layout

Alert bij waarschuwing

_images/warning.png

Alert bij bevestiging schrapping

_images/confirm.png

Alert bij fout

_images/fout.png
  • De inhoud van de login pop-up kan beheerd worden via Systeembeheer > Communicatie tools > Beheer de popups/alerts.

    Maak desgewenst een entry met identifier login.

    Bij sjabloon: geef in (ZONDER line breaks!)

    \{"title": "{$welcome.welcome $name|js}","text": "<table>
    <tr><td>{$welcome.Username|js}</td><td>{$username|js}</td></tr>
    <tr><td>{$welcome.Email|js}</td><td>{$email|js}</td></tr>
    <tr><td>{$welcome.Workstation|js}</td><td>{$workstation|js}</td></tr>
    <tr><td>{$welcome.Session|js}</td><td>{$session|js}</td></tr>
    <tr><td>{$welcome.Passwordvalid|js}</td><td>{$validuntil|js}</td></tr>
    <tr><td>{$welcome.ip|js}</td><td>{$UDip|js}</td></tr>
    </table>","html":true,"maxHeight":"250px"\}
    

    Bij sleutel generator geef in

    k RAkeys d %Login^useslog(.RAkeys)
    
  • De vormgeving van de alerts wordt bepaald door x0popup.min.css in project /website/application. Deze css file wordt geïmporteerdin /layout/standard/workspace.css via @import url("/brocade/x0popup.min.css");. Als je voor een specifieke Brocade server de alerts een andere stijl wil geven, volstaat het om in workspace.css de betreffende entries uit x0popup.min.css over te nemen en aan te passen.

  • Brocade werkt met nieuwe alerts indien na installatie de volgende acties worden uitgevoerd:

    layout-alert-disable-begin: /* */
    layout-alert-disable-end: /* */
    layout-noalert-disable-begin: /*
    layout-noalert-disable-end: */
    

Zie Issue 2849: Rel. 4.20: Nieuwe layout voor alerts

1.2.3. Gebruikersprocessen

  • Parameters gebruikersprocessen [link]

    Het formulier voor definitie van een parameter van een gebruikersproces mt:pup is uitgebreid met een overzicht van processen waar deze parameter gebruikt wordt. Zie Issue 2680: Rel. 4.20: Uitbreiden report parameters gebruikersprocessen met overzicht van processen die de parameter gebruiken

  • Selectie van meta concretiseringen [link]

    Dit gebruikersproces is uitgebreid met selectie op attribuutwaarden. Zie Issue 2681: Rel. 4.20: Lijst maken van meta concretisaties

  • In de meta-info van een gebruikersproces kan aangeduid worden hoeveel afgelopen jobs in de historiek moeten getoond worden (attribute ‘history’ in b-file). Default=5

  • Soms komt het voor dat je eenzelfde parameter meer dan eenmaal in een gebruikersproces wil gebruiken. Tot hiertoe was dit onmogelijk omdat deze parameters in de onderliggende KVS dezelfde naam kregen. Voortaan wordt de naamgeving automatisch geregeld dmv nummering. Bijvoorbeeld een parameter ‘lm’ die meer dan 1x gebruikt wordt krijgt namen ‘lm1’, ‘lm2’ enz. In de argumenten van de routine die het proces uitvoert moet hier wel rekening mee gehouden worden. Deze moeten eveneens de namen ‘PDlm1’, ‘PDlm2’ enz krijgen.

1.2.4. Key-value store

  • Wanneer in een invulveld van natuur string of loi, LOI’s voorkomen, wordt de korte beschrijving hiervan in een bijschrift getoond. In het geval van een authority code is dit bijschrift doorklikbaar (niet in desktop) naar het invulformulier van de authority code. Dit is moeilijk realiseerbaar voor alle soorten LOI’s omdat we nergens in meta-info een verwijzing hebben naar de menu-entry voor bewerking van een bepaald type LOI. Zie Issue 2750: Rel. 4.20: KVS (catalografie): verwoording aloi
  • Key-value store werkt voortaan met templates nieuwe generatie. Zie Issue 2845: Rel. 4.20: aanpassingen KVS
  • Velden van natuur groep worden in gepickled formaat opgeslagen. Vanaf deze release gebeurt dit in MJSON-formaat. Er moet geen conversie gebeuren want key-value store kan nog altijd beide formaten lezen. Zie Issue 2845: Rel. 4.20: aanpassingen KVS
  • Een KVS-attribuut dat door KVS getekend wordt krijgt vanaf release 4.20 standaard een HTML-attribuut data-kvsid mee dat gelijkgesteld wordt aan de naam van het attribuut. Repeatable attributen krijgen dus hetzelfde data-kvsid HTML-attribuut mee. In de nieuwe meta-informatie kan de default waarde voor data-kvsid overruled worden door in de b-file $$kvsid in te vullen bij een bepaald attribuut.

1.2.5. Indexering

1.2.6. Mutil

  • De toolcat applicatie mutil is uitgebreid met een nieuw bevragingscommando : mutil -object [object] bevraagt Brocade naar geinstalleerde meta systeem informatie, zoals search objecten, lookup object, loi definities, ... Voorbeeld : mutil -object bibrec . Type mutil -object help=yes voor meer informatie. Zie Issue 2874: Rel. 4.20: Toolcat applicatie mutil uitgebreid mey commando-object.

Werkplan diversen

1.3. Aanwinsten

  • Release 4.20 introduceert het concept van inclusief abonnementenbeheer: een geheel van nieuwe toepassingen, aanpassingen aan bestaande toepassingen en nieuwe metadata waardoor bibliotheken het beheer van abonnementen in eigen handen kunnen nemen. Gezien de complexiteit en het uitdijende karakter van het inclusief abonnementenbeheer ligt de focus in Rel 4.20:

    • op het ontwikkelen van een nieuwe beheersmodule voor resource-loi’s
    • op verbeteringen aan de leveranciersmodule (gezamenlijk gebruik binnen een netwerk)
    • op aanpassingen aan de afhandeling van berichten.

    Voor algemene info: zie Issue 2676: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: algemeen

  • Er is een nieuwe module Resources die alle gegevens rond een abonnement groepeert.

    Een resource is een publicatie met een unieke titel, waaraan minstens één abonnement is gekoppeld. Een resource heeft geen status. Het wordt niet afgesloten of opgezegd. Het blijft altijd bestaan. Verschillende resources kunnen met elkaar gerelateerd zijn, bijvoorbeeld wanneer de titel wijzigt.

    Via een resource -record kan alle info, relevant voor het beheer van een periodiek, gebundeld worden. Het gaat dan met name om gegevens uit een abonnement, de bestelling, facturen, erm, communicatie met collega’s en leveranciers, ...

    Een resource bestaat uit een algemene beschrijving van de resource en deelbeschrijvingen per abonnement (fiches). Elk abonnement dat aan een resource -record is gekoppeld, komt overeen met een fiche in dat resource -record.

    Zie Issue 2771: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: resource record en Issue 2772: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: opbouw fiche in resource-record.

  • In het instellingsgebonden beheer is een sectie ‘Resources’ bijgekomen waarin de indexer en searcher (acqresource) kan ingevuld worden, evenals de gewenste sortering van de fiches binnen een resource. Dit is op status abonnement, en eventueel daarbinnen op de sorteercode van de fiche, of zuiver op de sorteercode van de fiche zonder rekening te houden met de status.

  • Ter hoogte van een ERM E-product kan een link gelegd worden met een of meerdere abonnementen. Echter, ter hoogte van het abonnement wordt er telkens maar één ERM e-product getoond. Aanpassing in Rel. 4.20: een abonnement toont nu alle ERM e-producten waarmee het gelinkt is (zie Issue 2738: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: erm in abonnement).

  • De indexen achter meta-informatie van bestemmingen, schenkers, selectiecodes, afkortingen en nummeringsschema’s werden taalafhankelijk gemaakt (zie Issue 2743: Rel. 4.20: Taalafhankelijkheid acquisitie meta-info)

  • In het leveranciersscherm hebben de blokken ‘Vermelden bij’ en ‘Gebruiken voor’ bij contactpersonen, een cancel-knop gekregen. Hiermee kunnen alle radio-buttons voor dat blok uitgezet worden.

  • Er is een gebruikersproces gemaakt Aanwinsten > Leveranciers > Opkuis leveranciers. Met dit proces kan je - mits geautoriseerd - leveranciers schrappen die in geen enkele bestelling, abonnement of factuur van geen enkele acquisitieinstelling gebruikt worden. (zie Issue 2728: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: leveranciers (msg12392))

  • Leveranciers opzoeken kan nu ook via Lucene-indexen. Daartoe dient de juiste indexer en displayer ingevuld te worden in de meta-info van de acquisitie-instelling. Zie Issue 2728: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: leveranciers (msg12490).

  • Aan leveranciers kunnen collecties toegekend worden. Dit komt er op neer dat een locatie sneller zijn ‘eigen’ leveranciers kan terugvinden. In het locatie-gebonden beheer kunnen de mogelijke collecties opgesomd worden (zie Issue 2728: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: leveranciers (msg12394))

  • Locaties kunnen op niet-aktief gezet worden. Ze verschijnen dan niet meer in keuzelijsten (zie Issue 2774: Rel. 4.20: Aanwinsten - aanwinstenlocaties op non-actief).

  • De berichtenmodule werd volledig herzien. Er wordt nu gewerkt met zgn. threads waarin verschillende bij elkaar horende berichten gegroepeerd worden. (Zie Issue 2730: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: berichten, msg12609 en msg12754 voor alle details).

  • Parameters voor hernieuwing abonnementen werden herwerkt. (Zie Issue 2727: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: parameters voor hernieuwing)

    • In locatiegebonden beheer zijn volgende parameters bijgekomen onder sectie ‘Hernieuwing’:

      • Verzending automatisch (= huidige manier) of via hernieuwingslijst
      • Aan wie moet verwittiging verstuurd worden (opname in hernieuwingslijst en final call)
      • Keuze tussen RSS (van instelling en ingevulde gebruikers) en/of mail
      • Inhoud verwittigingen via tekstfragmenten
    • In het abonnementsformulier zijn volgende parameters bijgekomen onder sectie ‘Hernieuwing’:

      • Begindatum: wordt automatisch aangepast bij einde hernieuwingscyclus

      • Looptijd: Duur in dagen (of in jaren indien getal gevolgd door y) van het huidige abonnement. Wordt gebruikt om de einddatum te berekenen indien deze niet rechtstreeks ingevuld werd.

      • Einddatum: Einddatum van het huidige abonnement. Indien niet ingevuld wordt deze berekend met begindatum en looptijd.

        Dit zijn de 3 enige velden indien de verzending als ‘automatisch’ is aangeduid in het locatiegebonden beheer.

      • Opzegtermijn: Aantal dagen voor de einddatum (=opzegdatum) dat de leverancier op de hoogte moet zijn van eventuele annulering.

      • Opzegdatum: Wordt berekend. Datum dat de leverancier op de hoogte moet zijn van eventuele annulering.

      • Duur hernieuwing: Aantal dagen voor de opzegdatum dat hernieuwingsprocedure moet gestart worden.

      • Rappeltermijn: Aantal dagen voor de opzegdatum dat een laatste herinnering voor hernieuwing moet uitgestuurd worden (final call)

      Indien van toepassing verschijnt hier ook een historiek van afgewerkte hernieuwingen.

    • Lijst van te hernieuwen abonnementen (zie Issue 2768: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: lijst te hernieuwen abonnementen)

      • Zowel bij registrering van een abonnement als in het nachtelijk acquisitie-proces, wordt berekend wat er met een abonnement moet gebeuren:

        • niets
        • op hernieuwingslijst
        • verwittigingen versturen-
        • rechtsreeks op verzendlijst
      • Lijst kan tot op 3 niveaus gesorteerd worden volgens

        • budget
        • leverancier/schenker
        • opzegdatum
        • eerste titel
        • type
      • elke actie (behalve plaatsen in lijst) toont nu een 2de scherm waarop expliciet moet bevestigd worden.

      • in locatiegebonden beheer kan een toegangsslot ingevuld worden waaraan gebruikers moeten voldoen om de ‘Registreer’-knop in de hernieuwingslijst te zien.

      • Er worden 50 abonnementen per pagina getoond

      • Abonnementen worden in secties per sorteersleutel aangeboden. Elk abonnement kan afzonderlijk geselecteerd worden, of alle abonnementen onder sorteersleutel via switchknop thv sorteersleutel, of alle abonnementen via switchknop thv Sectie ‘Acties’.

      • Bij elk abonnement kan een eenmalig bericht ingevuld worden. Wordt gekopieerd naar abonnement zelf en gebruikt bij eerstvolgende verzending.

        Mogelijke acties:

        • Hernieuwing met bericht aan leverancier: abonnement wordt in verzendlijst geplaatst. Datums worden pas aangepast bij effectieve verzending!
        • Hernieuwing zonder bericht aan leverancier: datums worden aangepast
        • Annulering met bericht aan leverancier: abonnement en bestelling worden geannuleerd. Bestelling komt in verzendlijst annuleringen.
        • Annulering zonder bericht aan leverancier: abonnement en bestelling worden geannuleerd.
        • On hold: abonnement komt ‘on hold’ te staan.
        • Plaats in lijst: geselecteerde abonnement worden in een gekozen lijst geplaatst van waaruit verdere operaties kunnen gebeuren.
  • Status ‘on hold’ van een abonnement

    Abonnementen kunnen nu vanuit het abonnementsformulier en vanuit de hernieuwingslijst on hold en stopgezet worden, met of zonder bericht aan de leverancier. In het laatste geval komt het abonnement terecht op de ‘Annuleringslijst abonnementen’ (nieuw). (zie Issue 2769: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: status en actie On hold).

  • In het hernieuwingsproces kan een Final Call (waarschuwing) verzonden worden naar een of meerdere Brocade gebruikers om hen te attenderen op dringende actie nodig voor het hernieuwen van een abonnement. Naar wie dit bericht moet verzonden worden, kan vastgelegd worden ter hoogte van locatiegebonden beheer aanwinsten. (zie Issue 2766: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: verzending Final call)

  • Data uit het hernieuwingsproces van een abonnement worden nu ook getoond in de historiek (verloop) van het abonnement. (zie Issue 2767: Rel. 4.20: Inclusief abonnementenbeheer: historiek hernieuwingen)

  • Het overzicht van een geïmporteerde factuur toont 3 filters waarmee de lijst kan beperkt worden (zie Issue 2692: Rel. 4.20: Filters op geimporteerde facturen):

  • verwerkte lijnen
  • niet verwerkte lijnen
  • probleemlijnen
  • Nederlandse verwoordingen aangepast in .l files

    • acquisitie –> aanwinsten
    • subcodes –> budgetstanden

    (zie Issue 2783: Rel. 4.20: Aanwinsten - terminologie)

  • Voor bestellingen is een nieuw type gedefinieerd: Presentexemplaar

  • Het overzicht van de verzendingen bevat een filterfunctie.

Zie Overzicht aanwinsten issues Rel4.20 in meer detail

1.4. Archiefbeheer

  • Om korte beschrijvingen van gelinkte objecten te tonen in een opac van archiefbeschrijvingen, kan in de sectie [dispobject] van een ISAD displaysysteem, de placeholder $objects gebruikt worden. Deze toont max. 10 doorklikbare objecten. Indien meer kan ook doorgeklikt worden naar het volledige overzicht in de objectenopac. Zie Issue 2639: Rel. 4.20: Link naar objecten vanuit ISAD

    _images/isad-tg.png

Werkplan archiefbeheer

1.5. Archiefobjecten

1.6. Digitaal platform

1.7. Authority codes (archief)

Werkplan authority codes (archief)

1.8. Authority codes (catalografie)

  • Het gebruikersproces mt:up:authselection (Selectie authority codes) werd uitgebreid met volgende parameters: (Zie Issue 2662: Rel. 4.20: Selecties alois op “technische kenmerken”)
    • aangemaakt door gebruiker(s)
    • gewijzigd door gebruiker(s)
    • aangemaakt binnen een zeker tijdsvenster
    • gewijzigd binnen een zeker tijdsvenster
  • Verwijzingen naar externe bronnen en harvester bronnen werden ondergebracht bij attributen. Zie voor een gedetailleerde uitleg Issue 2693: Rel. 4.20: Hervorming authority concepten (msg12147)
  • Naast de in issue 2693 vermelde nieuwe velden voor attributen, kunnen ze nu ook als ‘herhaalbaar’ aangevinkt worden. ; in de waarde wordt dan gezien als het scheidingsteken tussen verschillende waarden van het attribuut.
  • Er is een attributengenerator achk gemaakt die de statusvelden van een authority code meegeeft.
  • datum aanmaak
  • gebruiker die het record aanmaakte
  • datum laatste wijziging
  • gebruiker die het record het laatst wijzigde
  • datum controle
  • gebruiker die het record controleerde
  • gelockte records

Werkplan authority codes (catalografie)

1.9. Catalografie

  • Select boxes en niet toegelaten waarden: via select boxes in het catalografische formulier wordt de toegelaten inhoud bepaald voor velden. Via meta-informatie die elders wordt genoteerd (in het regelwerk of lidmaatschap) wordt bepaald welke types zijn toegelaten.

    Als echter in een record niet toegelaten waarden voorkomen (bv. omdat de meta-informatie later werd gewijzigd of omwille van overname via Centaur) dan wordt die foute informatie in de

databank wel behouden, maar in het catalografisch formulier wordt een wél toegelaten waarde getoond. Bij registratie van zo’n record verdwijnt de foute data - maar zonder dat de gebruiker zich daarvan bewust is - en ze wordt vervangen door een wel toegelaten waarde, die echter niet geverifieerd is. Vootaan verschijnt een gepaste foutmelding die de catalograaf er moet toe aanzetten om een correcte waarde uit de select box te kiezen. Meer info in Issue 2563: Rel. 4.20: Select boxes en niet toegelaten waarden

  • Metainformatie regelwerk: De verwoording van de scope note bij Toegelaten titeltypes, bibliografische bronnen en nummertype is aangepast. De tekst Is deze lijst leeg, dan is er geen beperking werd verwijderd. In 4.20 ben je dus verplicht om de types op te nemen.
  • In het kader van deze verstrengde regels zijn er ook aanpassingen gebeurd in de centaur software, waarbij lege velden werden vervangen door vaste waarden. Dit kon enkel gebeuren, als in alle omstandigheden de vaste waarde geldt. (over alle Brocade servers heen). Het gebruik van vertaaltabellen bij de import is lichtjes gewijzigd : de standaard waarden van tabellen worden voortaan gebruikt ter vervanging van aangereikte lege elementen.

Een verduidelijking aan de hand van een voorbeeld : stel : in vertaaltabel ‘title_so’ van het schema, waarnaar je verwijst in je import profiel, heb je gedefinieerd :

  • Standaardwaarde = nd Tabel tp = fp

Wat gebeurt er :

  • Is het aangeleverd brontype=tp, dan wordt deze omgezet naar fp
  • Is het aangeleverd brontype=(leeg), dan wordt deze omgezet naar nd
  • Is het aangeleverd brontype=een andere waarde, dan blijft deze bewaard
  • Nieuwe toepassing: Catalografie > Groepsbewerkingen > Finaliseer een reeks catalografisch records. Deze toepassing kan vertrekken van een lijst of van een regelwerk. Deze toepassing vervangt het manuele proces %BGRFIN^bcasix (werd verwijerd uit Rel. 4.20). Zie Issue 2559: Rel. 4.20: Run finaliser per regelwerk.
  • In het collatieveld is nu een extra subveld toegevoegd, “Begeleidend materiaal” . Stroomafwaarts zijn aangepast:
  • Catman model
  • Import procedures
  • Verwerking Marc tag 300
  • Data manipulatie bij import (analoog aan pg veld)
  • Meta beheer van Marc export profielen.
  • Centaur analysetools
  • OPAC presentatie
  • Ter hoogte van het regelwerk zijn er nu twee opties bijgekomen

    • Geen aanwinstennummers (aan/uitvinken)
    • Geen inventarisnummers (aan/uitvinken).

    Hiermee kan je aangegeven of ter hoogte van de objectgegevens

    • het aanwinstennummer moet getoond worden (Geen inventarisnummer aanvinken)
    • het inventarisnummer met getoond worden (Geen aanwinstennummer aanvinken)
    • allebei de nummers getoond moeten worden (niets aanvinken)

    Ter hoogte van een pk-genre kan aangegeven worden of het genre aanleiding geeft tot het automatisch genereren van een inventarisnummer/aanwinstennummer. Aanwinstennummer en inventarisnummer maken gebruik van dezelfde teller!

    Om niet op de data en de vroegere praktijk in te grijpen, werken deze parameters nu als volgt:

    • de parameter in het pk-genre kan leiden tot automatisch genereren van een aanwinstennummer (zoals nu), een inventarisnummer of allebei.
    • ter hoogte van de o-loi wordt altijd data weggeschreven van het type aw=”[gegenereerd nummer]” als het pk-genre aanleiding zou moeten geven tot het genereren van een aanwinstennummer of inventarisnummer
    • als in het regelwerk de parameter “geen aanwinstennummer” wordt aangevinkt, dan wordt in het catalografisch formulier het aanwinstennummer niet getoond, en bij aanmaak van een object met een nummertype “inventarisnummer” wordt via * een nieuw nummer gegenereerd, op basis van de stand van de aangeduide teller. In de data levert dat op: <OBJINX ty=”inv”><DATA>[nummer]</DATA></OBJINX>
    • omgekeerd gebeurt iets gelijkaardig, als de parameter “geen inventarisnummer” wordt aangevinkt.
    • Indien de parameters in het regelwerk zouden aangepast worden, dan dienen ook de data te worden aangepast, om te vermijden dat ze anders zouden verdwijnen.

    Zie Issue 1708: Rel. 4.20: Automatische inventarisnummering: fout?.

  • Bij o-loi in catalografieformulier kan je zelf kiezen of er extra informatie moet worden getoond. Dit wordt bepaald door parameter in het pk-genre: ter hoogte van ‘Display object’ geef je een M-routine die de informatie en weergave berekend. Een voorbeeld hiervan is een specifiek kenmerk zoals ‘prijs’. Je moet zowel een html beschrijving voorzien als een beschrijving voor de export. Zie Issue 2658: Rel. 4.20: Extra informatie bij een object.

  • Bij de definities van genres plaatskenmerken zijn de algoritmes vervangen door codes met bijbehorende benamingen. Zo hoeft men niet voortaan niet steeds terug te vallen op een ontwikkelaar bij het opzetten van een nieuw genre plaatskenmerk.

  • ‘laatste wijziging’ in c-loi wordt geactualiseerd indien (een van de) de gerelateerde records gewijzigd wordt. Zie Issue 2620: Rel. 4.20: Update ‘laatste wijziging’ cloi indien relatie van deze cloi wijzigt.

  • In een Marc export profiel kan je nu ook aangeven, welke vaste of default indicatoren er dienen gebruikt te worden per tag. Dat doe je door in het vak ‘Vaste inhoud Marc velden’ of respectievelijk ‘Inhoud Marc velden bij ontstentenis’ als volgt te vermelden : (voorbeelden)

    910$i1='9'  (indicator 1 in tag 910 krijgt waarde 9)
    911$i1='9'  (indicator 1 in tag 911 krijgt waarde 9)
    
  • Er bestaan voortaan ook statistieken over Centaur downloads van catalografische data van externe bronnen. Deze zijn beschikbaar per regelwerk/externe bron en gebruiker, en ook per regelwerk/gebruiker en daarbinnen per externe bron. Zie Issue 797: Rel. 4.20: Statistiek Centaur.

  • Bij gebruik van catalografische objectsystemen wordt bij de creatie het userid van de persoon die de extra informatie aanmaakte, leeg gelaten. Bij aanvullen van metadata/registreren wordt zowel bij persoon-aanmaak als persoon-laatste-wijziging dezelfde user-id ingevuld. Het lijkt er daarom op dat deze persoon zowel de oorspr. o-loi aanmaakte, als de extra-informatie toevoegde. Het user-id dat oorspronkelijk de o-loi aanmaakte kan niet getoond worden, want die is in Brocade niet voorhanden. Dit wordt opgelost door een extra parameter “Gebruiker aanmaak” in het regelwerk. Indien niet ingevuld: alles werkt zoals nu (userid wordt initieel weggeschreven bij persoon-creatie en persoon-laatste-wijziging). Indien wel gedefinieerd (bv. usystem), wordt dit userid gebruikt als persoon-creatie. Zie Issue 2864: Rel 4.20 Gebruiker aanmaak niet correct in uitgebreid object.

  • Nieuwe toepassing: Catalografie > Selecties > Selecteer beschrijvingen op url-type, embargo, IR versie, etc. Deze toepassing maakt een lijst aan van catalografische beschrijvingen op basis van:

    • Datum span van het embargo, de embargowaarde is vanaf de begindatum of tussen de begin en einddatum (opgegeven data inbegrepen)
    • URL-type (lokalisatie veld in een beschrijving)
    • IR Versie, in welk stadium van publicatie is de beschrijving
    • Toegangscode, wie kan de beschrijving bekijken
    • Mime-type, wat soort publicatie is het (vb: pdf)

    Zie Issue 1111: Rel. 4.20: manueel proces: lijstaanmaak op toegangscode, gegeven een url-type.

  • Nieuwe toepassing: Catalografie > Selecties > Uitlijsten van catalografische beschrijvingen inclusief speciale waarden: deze toepassing maakt verschillende lijsten aan van catalografische beschrijvingen in een folder structuur. Deze folderstructuur is gebaseerd op de parameters:

    • type inhoudsveld
    • URL-type
    • embargo
    • mime
    • IR versie
    • toegangscode

    Zie Issue 1111: Rel. 4.20: manueel proces: lijstaanmaak op toegangscode, gegeven een url-type.

  • Naast de toepassing Catalografie > Groepsbewerkingen > Exporteer catalografische gegevens in MARC formaat bestaat er nu ook de toepassing Exporteer catalografische gegevens in CatXML formaat (=Brocade XML schema). Zie Issue 2683: Rel. 4.20: Exporteer catalografische beschrijvingen in catxml (Gebruikersproces).

  • Simultane updating catalografische records: Catalografische beschrijvingen worden soms door verschillende partijen tegelijkertijd bewerkt. Dit kan inconsistente gegevens veroorzaken. Er werd een systeem uitgewerkt om deze situatie te verhinderen. Dit systeem werkt op basis van twee soorten gegevens:

    • het aanmaaktijdstip van het webformulier
    • het tijdstip van laatste wijziging van een record

    In een vorige release werd heel wat werk gemaakt om de diverse aanpassingen aan een titelbeschrijving minitieus te loggen. Deze logs worden nu vergeleken met het tijdstip waarop het interactieve webformulier wordt aangemaakt. Vertelt de log dat de laatste aanpassing recenter is dan het webformulier, dan gaat Brocade er van uit dat de catalograaf werkte met verouderde data. In dat geval geeft het catalografieformulier bij registratie een foutmelding, met name dat er een recentere versie bestaat en het huidig formulier daarom niet kan worden weggeschreven. Het is dan aan de catalograaf om het formulier te verlaten en opnieuw op te roepen zodat van de meest recente data opnieuw vertrokken kan worden. Zie Issue 2709: Rel. 4.20: Afscherming van catalografische data.

  • In Brocade bestaat er een proces dat c-loi’s die aan bepaalde voorwaarden voldoen, automatisch schrapt. Er bestaat nu een nieuw automatisch proces checkdelete dat op basis van meer verfijnde criteria een lijst maakt van records die mogelijk toch in aanmerking komen om bijkomend geschrapt te worden. Dit proces gaat deze records dus niet schrappen, enkel op een lijst zetten. Zie Issue 2786: Rel. 4.20: Automatisch schrappen herzien.

  • Aanpassing importprofielen - bibliografische nummers: Software voor importprofielen is aangepast. Voor bibliografische nummers is er nu een optie bijgekomen: Vervang nummers van aangeboden type. Kies je voor deze optie dan betekent dat

alle bestaande nummers worden per type verwijderd en vervangen door aangeboden nummer. Let op: als de cat.xml file en de c-loi in de databank beiden naast een oclcnummer ook een isbn nummer zouden bevatten –> alle bestaande isbn nummers worden vervangen door isbn nummer in cat.xml. Dus omzichtig mee omgaan is de boodschap! Anet gebruikt deze optie om bij opladen van oclcnummers in de databank, de bestaande oclcnummers te overschrijven door nieuwe zodat er een 1-op-1 relatie blijft bestaan tussen c-loi en oclcnummer.
Zie Issue 2833: Rel. 4.20: Aanpassen importprofiel bibliografische nummers.
  • Er werd in MARC exportprofielen een verfijning aangebracht aan

    • Vaste inhoud MARC velden
    • Inhoud MARC velden bij ontstentenis

    Voorheen werkten deze opties om bestaande subvelden te overschrijven resp. ontbrekende subvelden toe te voegen. In deze rubriek kan je nu ook subvelden en indicatoren specificeren voor tags die in hun geheel dienen toegevoegd. Zie Issue 2847: Rel. 4.20: exportprofiel - Nabehandeling op MARC output.

  • Eveneens bij verwerking van Marc records : wordt bij tag 024 een indicator1=7 aangeboden, dan bevindt het type bibiografisch nummertype zich in subveld 2; bestaat dit als nummertype op je server, dan wordt dit aangeboden bibliografisch nummer verwerkt , anders niet.

Werkplan catalografie

1.10. Collectiebeschrijvingen

1.11. Desktop

1.12. Displaysystemen

  • Displaysystemen werden uitgebreid met headblokken. In elk blok kunnen meerdere mogelijkheden ingevuld worden, telkens voorafgegaan door [type gegevenssectie][subtype]:. De subtypes zijn dezelfde als bij de verschillende gegevenssecties. Er kunnen meerdere templateblokken ingevuld worden. Voor elk blok wordt de volledige set van gegevens, aangeleverd door de M-executable voor de volledige beschrijving, terug overlopen. Zie Issue 2129: Rel. 4.20: irua laten indexeren door Google Scholar.
  • De templates moeten voortaan voldoen aan de ‘nieuwe generatie‘ implementatie.

Werkplan displaysystemen

1.13. Eindgebruikers

  • De selecties op eindgebruikers werden uitgebreid met een nieuwe en efficiëntere manier om deze uit te voeren en te herhalen.

Volg de [link] voor meer info.

Zie ook Issue 2657: Rel. 4.20: Selectieprofielen voor eindgebruikers.

1.14. Enquêtes

1.15. ERM

Werkplan erm

1.16. Helpdesk

  • Filters werden omgezet naar nieuwe meta-informatie. Filters worden gebruikt om een bericht dat aan de ingevulde patronen voldoet, ineens aan een executive toe te wijzen. Dit werd uitgebreid met de mogelijkheid om een executable op het bericht los te laten. Indien er geen executive is ingevuld wordt het bericht in de helpdesk geschrapt.
  • Een helpdeskbericht dat verstuurd werd vanuit een Brocade record, bevat de LOI van dit record. Deze LOI is nu aanklikbaar in de helpdesk. Zie Issue 2763: Rel. 4.20: Helpdesk: doorklikbare link voor recordid.

Werkplan helpdesk

1.17. Impala

1.18. Institutional repositories / Academische bibliografie

Werkplan institutional repositories

1.19. Leen/Eindgebruikers

  • Er is vanaf deze release een nieuwe versie van Localweb beschikbaar via de toepassing Brocade ‣ Software archief [link]. Voor meer info zie Issue 1856: Rel. 4.20: Localweb / clojure. Alvast de belangrijkste nieuwe features:
    • compatibel met Windows en OSX
    • ingebouwde BE-ID service
    • Localweb is configureerbaar. De configuratie zit in een lokaal bestand ‘config.edn’
    • er is een keyboard buffer voor de eID kaart
    • zowel barcode- als ticketprinter kunnen nu weg met speciale karakters
  • Een bibliotheek kan er voor opteren om bij de tekenen van een brief automatisch portokosten aan te rekenen aan de eindgebruiker. Meer informatie is beschikbaar op het documentatieplatform en Issue 2161: Rel. 4.20: Aanrekening portkosten brieven.
  • Elke Brocade gebruiker kan nu ook een voorkeur object klasse kiezen voor tijdelijke beschrijvingen. Dat is zij of hij uiteraard niet verplicht. De gekozen voorkeur komt enkel te voorschijn in een leenomgeving, die dit toelaat.
  • In het gedetailleerd overzicht van de openstaande schulden kan, waar mogelijk, doorgelinkt worden naar het object dat gerelateerd is aan een bepaalde schuld. Voor meer info zie Issue 2623: Rel. 4.20: Gedetailleerd overzicht openstaande schulden met referentie naar object.
  • Voor statistieken rond floating collection is er de statistiek Leentransacties per maand - Prefloat en postfloat tussen catalografische instellingen. [link] aangemaakt. Deze bevat in 1 overzicht alle details rond en pre- en post-float waardoor de eerdere statistieken gebaseerd op container st:50 overbodig zijn. Deze laatste zijn dan ook in deze release geschrapt.
  • Er kan nu een type betalingskenmerk worden bepaald per online betalingsvorm. Zo kan je voortaan bijvoorbeeld transactiekosten aanrekenen voor een bepaalde betalingsvorm, en geen kosten voor een andere betalingsvorm.
  • Bij inname van een gereserveerd object kan nu ook via SIP2 een etiket voor klaarstaande reservatie worden doorgestuurd : het volstaat dit aan te vinken in de parameters van de leenrobot.
  • Bij het verlengen via SIP2 (messages 29 en 65) wordt nu ook rekening gehouden met het veld ‘BO’ en de parameters van de leenrobot (Mag een uitleen met leengeld bij ontstentenis worden aanvaard). Dit veld bepaalt of het aanrekenen van een kost moet worden bevestigd door een lener of niet. Dit functioneerde al op deze wijze voor het uitlenen.
  • In de meta informatie van de Sip2 robot is de functie van het betaalalgoritme uitgebreid : Voortaan kan je hier selecties maken op welke schulden er precies mogen worden betaald, op basis van betalingskenmerken, kassa transactiecodes, groeperingscodes of individuele transactienummers. Deze selecties kunnen gebruik maken van de hiervoor voorziene Sip2 velden CG (fee identifier) en BK (transaction id).
  • De parameter streepjescodetype voor afdruk in het eindgebruikerssysteem laat toe te specifiëren welke streepjescode er gebruikt moet worden bij afdruk voor eindgebruikers. Het is nu mogelijk hier een waterval te specifiëren van mogelijke streepjescodes voor afdruk. Voor meer info zie Issue 2719: Rel. 4.20: Cascade van nummertypes voor “Streepjescodetype voor afdruk”.
  • Brocade toont op diverse schermen (via link ter hoogte van het eindgebruikersrecord, ter hoogte van het scherm bij uitleen, in de desktop via de service euself) een overzicht van uitgeleende objecten. Vanaf deze release worden ook de uitgeleende objecten van de kinderen van de eindgebruiker getoond in deze schermen. Voor meer info zie Issue 2718: Rel. 4.20: Opsomming geleende werken (ouder-zonder-leen van kinderen-met-leen).
  • Bij het opvragen van reservaties bij een object wordt vanaf deze release eerst gekeken naar die barcodetypes die horen bij het geprefereerde leensysteem van de Brocade gebruiker (en dan pas naar de overige barcode types die horen bij de leensystemen waartoe de gebruiker ook toegang tot heeft). Vooral belangrijk wanneer op 1 Brocade installatie verschillende leensystemen actief zijn waar ‘dubbele barcodes’ bestaan. Voor meer info zie Issue 2636: Rel. 4.20: Bepaal een juistere volgorde van zoeken bij het overzicht van de reservaties per object.
  • Vanaf deze release lopen alle uploads van eindgebruikers via euserman. Dus zowel de automatische uploads in batch als de manuele uploads. Voor de manuele import werd het gebruikersproces Eindgebruikers ‣ Eindgebruikers - Beheersfuncties ‣ Import van eindgebruikersgegevens [link] voorzien.
  • Het drukwerk van een eindgebruiker wordt in het overzicht gesorteerd op tijdstip van aanmaak. In tweede instantie kan echter op elke mogelijke kolomwaarde gesorteerd worden.
  • In de statistieken van de leen worden nu zowel het aantal reserveringen getoond, alsook het aantal objecten waarop een reservering werd geplaatst. Het aantal reserveringen verschijnt enkel in de statistieken wanneer ter hoogte van het leensysteem rsvn toegevoegd wordt als Leentransactiescodes, die baliebelasting veroorzaken. Voor meer info zie Issue 2684: Rel. 4.20: Qloanrsvo en Qloanrsv.
  • Eindgebruikers kunnen vanaf deze release via RSS gealerteerd worden op het feit een bepaald type drukwerk werd aangemaakt. Pas hiervoor de gepaste metadata aan ter hoogte van de Leenstaten en de Gebruikersklassen. Voor meer info zie Issue 2694: Rel. 4.20: Lenersdrukwerk-Notificatie via RSS feed.
  • De overzichten van drukwerk zijn voorzien van een filterfunctie.

Werkplan Leen/Eindgebruikers

1.20. Lokale data

1.21. SDI

  • De RSS-feeds werden herwerkt:
    • er is een nieuwe RSS-feed sdi gedefinieerd
    • onder Mijn bibliotheek > Attendering > Parameters kan de gebruiker invullen of de aanwinsten in z’n persoonlijke feed moeten terechtkomen. Default staat dit af.
    • alle verwijzingen naar de oude SDI-feed zijn verwijderd, alhoewel deze in principe wel blijft werken

Werkplan SDI

1.22. Takenkalender

  • De schema-opsteller van de takenkalender houdt nu rekening met de vakantiedagen van de gebruikers. De vakantiekalender (deel van de module Tijdsregistratie) werd uitgebreid met een aantal mogelijkheden om snel een range van dagen aan/uit te vinken.
  • Bij een taak kan nu een sorteercode ingevuld worden. Indien niets ingevuld is de sorteercode = taakidentifier. In de kalender worden taken in volgorde van sorteercode getoond.
  • Er is een nieuwe applicatie in de takenkalender: Zoek vervangers voor een taak, opgezet als een gebruikersproces. Gegeven een taak, een datum, de te vervangen persoon en eventueel andere taken waarvoor de potentiele vervangers op die datum niet mogen aangeduid zijn, toont het systeem kandidaat vervangers, o.a. rekening houdend met hun vakantiedagen.
  • In de takenkalender kan er nu doorgeklikt worden op de naam van een taak. Er opent dan een 2de scherm van waaruit een mail kan gestuurd worden aan alle gebruikers die voor de taak in aanmerking komen. Afhankelijk van de datum waar men op de taak klikt zijn bepaalde bestemmelingen default aan- of uitgevinkt. Iemand die bijvoorbeeld vakantie heeft op die dag of de taak al toegewezen gekregen heeft, is uitgevinkt maar men kan dit natuurlijk overrulen. Klikt men onderaan in de legende op een taak dan zijn alle bestemmelingen aangevinkt.
  • zie ook Issue 2562: Rel. 4.20: Aanpassingen takenkalender
  • Het beheer van welke gebruikers taken mogen bewerken en/of bekijken is overgeheveld van het gebruikersbeheer naar het beheer van taken. Zie Issue 2876: Rel. 4.20: “Taken bewerken” en “Taken bekijken” verhuizen van “Gebruikersbeheer” naar “de Taak”.

Werkplan takenkalender

1.23. Systeem

  • Het gebruikersbeheer is vernieuwd naar nieuwe meta-informatie. De velden zijn nu logischer gegroepeerd. Voordien waren er enkele schermen ter beschikking om specifieke taken uit te voeren (vb: paswoord van gebruiker instellen) deze zijn nu ondergebracht in 1 scherm.
  • Een Brocade gebruikersid voldoet voortaan aan volgende specificaties:
    • Een kleine letter, gevolgd door kleine letters of cijfers.
    • Andere gebruikers id’s zijn niet toegelaten.
  • In het gebruikersbeheer zijn nieuwe gegevens van de gebruiker beschikbaar, dit is handig voor de helpdesk. Deze zijn gegroepeerd onder de noemer Info laatste gebruik.

Werkplan systeem

1.24. Statistieken

Werkplan statistieken

1.25. Objectbeschrijvingen

Werkplan objectbeschrijvingen

1.26. OPAC

  • De samenstellende delen van een convoluut worden in de opac nu overgeheveld naar een virtuele relatie _conv. De verwoording van de header is default de taalcode catconvoluut maar kan op de gebruikelijke manier in de opac meta-info overruled worden (tag re:_conv). Op dezelfde manier wordt het overkoepelend convoluut overgeheveld naar een virtuele relatie ‘_xconv’. Zie Issue 2678: Rel. 4.20: Display convoluut in OPAC.
  • Aan een URL die een query opstart via de Lucene-index, kan in beperkte gevallen (datums) een ‘trans’ parameter meegegeven worden waardoor een transformatie uitgevoerd wordt op het meegegeven patroon. Voor details zie Issue 2716: Rel. 4.20: query naar recent toegevoegde publicaties
  • In de schermen Snelzoeken, Eenvoudig zoeken en Geavanceerd zoeken wordt de cursor automatisch in het eerste invulveld geplaatst (Issue 2757: Rel. 4.20: Automatische positionering cursor in snelzoeken, eenvoudig zoeken en geavanceerd zoeken.)
  • In de opac meta-informatie kan onder het layoutelement advancedsearchinputexplorator een tekstfragment ingevuld worden in Verwoording zoekactie zonder tags. De verwoording van dit tekstfragment wordt gebruikt als eerste optie in de opsomming van mogelijke velden en staat voor een zoekactie zonder veldspecificatie. Zie Issue 2758: Rel. 4.20: Snelzoeken - Geavanceerd zoeken.
  • Vanaf deze release kan een record (het kind) plaatskenmerken overerven van een andere beschrijving (de moederbeschrijving). Deze feature wordt geregeld ter hoogte van de parameter "Neemt plaatskenmerken van de gerelateerde beschrijving ?" en heeft implicaties op:
    • de indexering: de bibliotheken (instellingen; niet de plaatskenmerken) van de moederbeschrijving worden als indextermen toegevoegd bij de clois van de kinderen.
    • de zichtbaarheid in de OPAC: ter hoogte van de volledige beschrijving en de korte beschrijving worden bij de kinderen de bibliotheken en plaatskenmerken getoond van de bibliotheken die aanwezig zijn in de moederbeschrijving.

Voor meer informatie, zie Issue 2791: Rel. 4.20: Zichtbaarheid van geërfde pk’s in de korte beschrijving en Issue 1734: Rel. 4.20: Zichtbaarheid in opac van onderdeelbeschrijvingen zonder pk.

  • De macro d %Set^gbopstat(,,,"") is uitgebreid met een nieuw type xsearch, bedoeld om gegevens te verzamelen voor relevantie-berekening. Gegevens worden enkel verzameld bij een zoekactie via explorator. Volgende gegevens worden bijgehouden per dag:
    • totaal aantal gevonden beschrijvingen
    • welke beschrijvingen worden gekozen (doorklikken naar volledige beschrijving)
    • rangorde van de gekozen beschrijvingen in volledige resultatenlijst

Werkplan OPAC

1.27. Anet Discovery

1.28. Apache & Purl

  • Bij de aanmaak van de purl databank kan vanaf nu ook rekening gehouden worden met de manier waarop apache en PHP geconfigureerd zijn.

  • Hiervoor zijn 2 nieuwe delphi-waarden voorzien. Zie project /universe/webservices in release.py.

    • web-use-proxypass: Bepaalt of apache werkt met apache proxypass directive om de PHP-FPM engine aan te spreken. (PT flag)

      • default: 1
      • Indien de delphi-waarde niet bestaat of gelijk aan 0, dan worden andere rules gebruikt afhankelijk van de delphi-waarde web-php-fpm-port.
    • web-php-fpm-port: PHP-FPM poort voor de brocade webtoepassing

      • default: 0
      • Indien de delphi-waarde bestaat en verschillend aan 0 en proxypass gelijk aan 0, dan wordt RewriteRule+fcgi gebruikt. (P flag)
      • In het andere geval wordt gewerkt met apache mod_php. (L,... flags)
  • In de toekomst zal onze voorkeur uitgaan naar PHP-FPM zonder ProxyPass directives maar met RewriteRules.

    • Delphi-waarden:

      web-php-fpm-port: 9000
      web-use-proxypass: 0
      

Werkplan PURL

1.29. Unix start / stop scripts

  • Vanaf nu worden unix start scripts in folder /etc/init.d niet meer aangemaakt en beheerd in toolcat applicaties. Toolcat applicaties hebben nl geen kennis van het onderliggende OS.

  • Bij voorkeur worden deze beheerd door procman.

  • Uitzonderingen zijn:

    • procman
    • mutil
    • probes
    • probesuptime
    • explorator

    Het is de verantwoordelijkheid van de systeembeheerder om deze processen te beheren. vb. met salt.

Werkplan script

1.30. Werkplannen

1.30.1. Werkplan diversen

  • Enkel indien de Brocade server afwijkt van de standaard layout: voeg de volgende classes met bijhorende stijlkenmerken toe in workspace.css file

    • .workspace-td-view
    • .workspace-td-warning
    • .workspace-td-error
    • .workspace-td-processed
  • Als je van de nieuwe alerts gebruik wil maken

    • Via Systeembeheer > Communicatie tools > Beheer de popups/alerts. Maak een entry met identifier login.

      Bij sjabloon: geef in (ZONDER line breaks!)

      \{"title": "{$welcome.welcome $name|js}","text": "<table>
      <tr><td>{$welcome.Username|js}</td><td>{$username|js}</td></tr>
      <tr><td>{$welcome.Email|js}</td><td>{$email|js}</td></tr>
      <tr><td>{$welcome.Workstation|js}</td><td>{$workstation|js}</td></tr>
      <tr><td>{$welcome.Session|js}</td><td>{$session|js}</td></tr>
      <tr><td>{$welcome.Passwordvalid|js}</td><td>{$validuntil|js}</td></tr>
      <tr><td>{$welcome.ip|js}</td><td>{$UDip|js}</td></tr>
      </table>","html":true,"maxHeight":"250px"\}
      
       # uitgevoerd
      

      Bij sleutel generator geef in

      k RAkeys d %Login^useslog(.RAkeys)
      
      # uitgevoerd
      
    • De vormgeving van de alerts wordt bepaald door x0popup.min.css in project /website/application. Deze css file wordt geïmporteerd in /layout/standard/workspace.css via @import url("/brocade/x0popup.min.css");. Als je voor een specifieke Brocade server de alerts een andere stijl wil geven, volstaat het om in workspace.css de betreffende entries uit x0popup.min.css over te nemen en aan te passen.

    • Brocade werkt met nieuwe alerts indien na installatie de volgende acties worden uitgevoerd:

      layout-alert-disable-begin: /* */
      layout-alert-disable-end: /* */
      layout-noalert-disable-begin: /*
      layout-noalert-disable-end: */
      
      # uitgevoerd
      
    • Verwijder de overtollige delphi waarde : (dubbel gebruik met meta-json-dir)

      delphi -del mjson-brocade-lib  #uitgevoerd
      

1.30.2. Werkplan aanwinsten

  • Zet alle locaties default aktief: mutil -exe 'd %Active^zresacq'

  • Conversie taalafhankelijkheid meta-info: mutil -exe 'd %Metaix^zresacq'

  • Indien ERM gebruikt wordt: voer uit voor conversie meerdere links e-product - abonnement: mutil -exe 'd %Sub^zresacq'

  • Aanmaak toegangssleutel ak:acqsys. Opgelet, deze sleutel wordt niet automatisch met gebruikers of gebruikersgroepen ingevuld. Dient manueel te gebeuren. Wordt momenteel gebruikt voor het proces ‘Opkuis leveranciers’.

  • Indien gewenst dat een leverancierscollectie met als identifier het acroniem van de acquisitie-instelling, wordt ingevuld in de locaties van alle actieve acquisitie-instellingen: mutil -exe 'd %Sucol^zresacq'.

  • Indien gewenst dat deze collecties worden toegekend aan de leveranciers van alle operationele abonnementen van alle actieve acquisitie-instellingen: mutil -exe 'd %Susb^zresacq'. Voor Anet: voorlopig niet uitvoeren.

  • Indien gewenst dat deze collecties worden toegekend aan alle leveranciers die het afgelopen jaar in meer dan 1% van de gevallen gebruikt zijn bij nieuwe bestellingen van alle actieve acquisitie-instellingen: mutil -exe 'd %Supc^zresacq'. Voor Anet: voorlopig niet uitvoeren.

  • Aanmaak indexer, searcher, displayer en facet voor leveranciers: mutil -exe 'd %Expsu^zresacq'

  • Vul indexer en displayer supplier in bij de meta-info van de gewenste acquisitie-instellingen.

  • Maak Lucene-index voor leveranciers aan: explorator -index supplier

  • Hervorming berichten

    • Conversie gedefinieerde berichten: mutil -exe 'd %Cvdmes^zresacqm'
    • Conversie: mutil -exe 'd %Msg^zresacqm'
    • Aanmaak indexer, searcher, displayer en facetten: mutil -exe 'd %Expl^zresacqm'
    • Schrappen oude menu-ingangen: mutil -exe 'd %Menu^zresacqm'
    • Bouw Lucene index op: explorator -index threads
  • Annuleringen abonnementen (stijldefinities en aanvullingen leveranciers): mutil -exe 'd %Sbca^zresacq'

  • Conversie hernieuwingen abonnementen: mutil -exe 'd %Renewal^zresacq'

  • Aanmaak indexer, searcher, displayer voor resources: mutil -exe 'd %Expl^zresacqr'

  • Vul indexer en displayer acqresource in bij de meta-info van de gewenste acquisitie-instellingen.

1.30.3. Werkplan archiefbeheer

  • Voeg in de sectie [dispobject] van een ISAD displaysysteem, de placeholder $objects toe in geval je in display van een ISAD record, de korte beschrijvingen van gekoppelde objecten wenst te tonen.

    –> Uitgevoerd op moto voor alle ISAD dislaysystemen

1.30.4. Werkplan authority codes (archief)

1.30.5. Werkplan authority codes (catalografie)

  • Voor Anet:
    • conversie attribuutgegevens AAT: mutil -exe 'd %AAT^zresaloi' (uitgevoerd)
    • conversie hoofdvormen naar attributen: mutil -exe 'd %Hv2At^zresaloi' (uitgevoerd)
    • conversie PT codes: mutil -exe 'd %Hv2AtPT^zresaloi("U")' (uitgevoerd)
  • Volgende routine probeert zo goed mogelijk externe linken en harvester bronnen over te brengen naar attributen. Manueel te bekijken alois worden geplaatst in ulst:usystem:conversion_aloi_attr_420: mutil -exe 'd %Attr^zresaloi'. (uitgevoerd)

1.30.6. Werkplan catalografie

  • Converteer de definities van genres plaatskenmerken : voer uit : mutil -exe 'd %Run^zrespkx' (uitgevoerd)
  • Registreer alle regelwerken
  • Dit mag U later uitvoeren (het duurt enige tijd) : Pas de archiefrecords aan met terugwerkende kracht voor de centaur acties :

mutil -exe '%RunAll^ccascnta' (uitgevoerd)

  • Dit mag U ook later uitvoeren : indien U centaur statistieken wenst te vergaren : activeer proces standard.st53 . (uitgevoerd)
  • Controleer de catalografische import procedures en Centaur profielen op ongeldige of lege elementen. (ten gevolge van issue Issue 2563: Rel. 4.20: Select boxes en niet toegelaten waarden). Vul eventuele vertaaltabellen aan met standaard waarden.
  • Kijk metainformatie regelwerk na en vul de waarden van Toegelaten titeltypes, bibliografische bronnen en nummertype aan.
  • Ga na of in regelwerk bij toegelaten bronnen een plat streepje dient toegevoegd om toe te laten dat een lege waarde ook een toegelaten bibliografische bron is. Anders gezegd: indien in de catalogus de lege waarde standaard is voor velden zoals titel, auteur, ..., is het aangewezen het plat streepje als toegelaten bibliografische bron op te nemen.

1.30.7. Werkplan displaysystemen

Voor Anet: vermits de displaysystemen nu werken met de templates nieuwe generatie moeten aan de bestaande systemen een aantal wijzigingen gebeuren. Op Moto werden de displaysystemen ‘acadbibschemaNG’ en ‘aloitestjtNG’ klaar gezet die respectievelijk ‘acadbibschema’ en ‘aloitestjg’ dienen te vervangen.

1.30.8. Werkplan erm

1.30.9. Werkplan helpdesk

  • Voer uit voor conversie filters naar nieuwe meta-informatie: mutil -exe 'd %Filter^zreshlp' (uitgevoerd)

1.30.10. Werkplan institutional repositories

  • Voer uit voor wijzigingen meta-info IR-systemen: mutil -exe 'd %Irsys^zresacad' (uitgevoerd)
  • Voor Anet:
    • voer uit voor aanpassing localdata: mutil -exe 'd %Local^zresacad' (uitgevoerd)
    • herindexering van de Lucene ir-indexen (uitgevoerd)

1.30.11. Werkplan Leen/Eindgebruikers

  • Vul de meta informatie van de online betalingsvormen Beheer van de online betalingsvormen [link] aan met een type betalingskenmerk.

1.30.12. Werkplan OPAC

1.30.13. Werkplan objectbeschrijvingen

1.30.14. Werkplan python

  • Minimum versie: 2.7.10
  • Installeer XlsxWriter

1.30.15. Werkplan explorator

  • mutil -exe 'd %Ix^zresexpl' (uitgevoerd)
  • Voor Anet: mutil -exe 'd %Irua^zresexpl' (uitgevoerd)

1.30.16. Werkplan SDI

  • Indien gewenst wordt dat de aanwinsten in de persoonlijke feeds terecht komen, moeten eindgebruikers erop 1 of andere manier op geattendeerd worden dat ze die eigenschap moeten aanvinken in hun persoonlijke SDI-parameters.

1.30.17. Werkplan takenkalender

  • Overhevelen takenprivileges van gebruikersbeheer naar taakbeheer: mutil -exe 'd %Tasks^zresuser

1.30.18. Werkplan Statistieken

  • Omvorming van de statistische metadata, voer uit:

mutil -exe '%Run^zrestat1' (uitgevoerd)

1.30.19. Werkplan Systeem

  • Vooraleer 4.20 te installeren, voer uit op 4.10

    delphi -add workstation-default name_of_default_workstation

    Werkstations zijn in deze release een stuk belangrijker geworden. workstation-default is de allerlaatste terugvalpositie om het werkstation te specificeren.

    Meer informatie

  • Alvorens 4.20 te installeren (op 4.10) uitvoeren:

    mutil -exe '%UErCode^zresucod' (uitgevoerd)

    Geeft een lijst van onjuiste gebruikerscodes die niet worden omgezet naar nieuwe meta data. Achteraan elke foute code staat of er al een gebruiker bestaat zonder de speciale karakters in, notatie: (exists “juistecode”).

  • Converteer de meta data van de gebruikers naar de nieuwe vorm:

    mutil -exe '%Run^zresuser' (uitgevoerd)

    Belangrijk: Voer deze conversie uit vooraleer je ook maar inlogt in Brocade.

  • Na het converteren van al de gebruikers naar de nieuwe meta data, kan je de oude ^USERS(“users”,...) global deels leeg maken (er zitten ook voorkeurinstellingen in, die moeten blijven). Als je deze uitvoert kan je niet zomaar opnieuw het conversie programma laten lopen. Het maakt wel een backup global aan in ^USERS(“usersbackup”). Dit moet niet onmiddellijk na de conversie uitgevoerd worden:

    mutil -exe '%DelOUsr^zresuser'

  • Controleer de overtollig geworden menu ingangen :

    mutil -exe '%DEL^umnsrel("T")'

  • Schrap - na controle de overtollig geworden menu ingangen:

    mutil -exe '%DEL^umnsrel("U")'

1.30.20. Werkplan voor data van Anet op productieserver moto

1.30.21. Werkplan voor productieservers CiBLiS

  • geapbibnl2: Naar aanleiding van het gebruik van selectieprofielen voor eindgebruikers moet de export naar Exact licht aangepast worden.
    • selectieprofiel 1: rnewexact, eindgebruikers die over 70 dagen hernieuwd moeten worden
    • selectieprofiel 2: newexact, nieuwe eindgebruikers
    • selectieprofiel 3: nopay, eindgebruikers met een gebruikersklasse die niet moet betalen
    • selectieprofiel 4: exportedexact, eindgebruikers die reeds in een export naar Exact zitten
    • automatisch process geapbibnl2.ExportExact moet aangepast worden naar /usr/local/bin/mutil -exe ‘d %Export^lokmexac(“karm”,”(rnewexact+newexact)*!nopay*!exportedexact”) d %Rnew^lokmexac(“karm”,”(rnewexact+newexact)*nopay*!exportedexact”)’

1.30.21.1. Werkplan script

  • Een voorbeeld van een start /stop script met SystemD:

    cat /etc/systemd/system/mutil.service
    
    [Unit]
    Description=M Database
    After=local-fs.target network.target remote-fs.target
    
    [Service]
    Type=forking
    EnvironmentFile=/etc/sysconfig/httpd
    ExecStart=/usr/local/bin/mutil -start
    ExecStop=/usr/local/bin/mutil -stop
    RemainAfterExit=True
    
    [Install]
    WantedBy=multi-user.target
    

1.30.22. Werkplan PURL

  • Voor de upgrade naar 4.20 moet niets aangepast worden.

  • Indien men overweegt de ProxyPass directives te vervangen door RewriteRules in de apache configuratie:

    • pas de delphi-waarden aan:

      web-php-fpm-port: 9000
      web-use-proxypass: 0
      
    • Kijk ook naar Beheer van de web diensten [link]

    • qtech -project rich /universe/webservices

    • De apache configuratie moet er dan als volgt uitzien (voorbeeld):

      <VirtualHost *:80>
      ...
      Timeout 7200
      ProxyTimeout 7200
      ...
      #API
      RewriteRule ^/brocade/api/(?!assets)(.*)(?!\.phtml|\.php)/?(.*)$ fcgi://127.0.0.1:9003/
      library/httpd/htdocs/brocade/api/app/public/index.php/$1 [P]
      RewriteRule ^/brocade/api/(?!assets)(.*\.phtml|.*\.php)/?(.*)$ fcgi://127.0.0.1:9003/
      library/httpd/htdocs/brocade/api/$1/$2 [P]
      #WEBMAIL & mod_php
      <LocationMatch "^/webmail/(?!images).*$">
      AddHandler php5-script .php .phtml
      AddType text/html .php .phtml
      php_value session.save_handler "files"
      php_value session.save_path    "/var/lib/php/session"
      php_value soap.wsdl_cache_dir  "/var/lib/php/wsdlcache"
      </LocationMatch>
      #BROCADE
      RewriteRule ^/(?!brocade/api)(?!webmail)(.*\.phtml|.*\.php)(.*)$ fcgi://127.0.0.1:9000/
      library/httpd/htdocs/$1$2 [P]
      Include /library/database/purl/webdeflect.db
      Include /library/database/purl/purl.db
      </VirtualHost>
      

1.31. Installatie van Brocade op een nieuw systeem

Zie Installatiegids