40. Beheer van de sigilla

40.1. Wat is een sigillum?

Het sigillum is een exemplaargebonden code om bepaalde collecties, die men niet via andere kenmerken (bv. onderwerp, plaatskenmerk) kan herkennen, te identificeren.

40.2. Beheersfuncties

40.2.1. Toegang tot het beheer

Sigilla kunnen alleen aangemaakt worden door gebruikers met speciale rechten, om de instellingsgebonden parameters te kunnen aanpassen.

40.2.2. Constructie van een sigillum

In de identifier van een sigillum mogen geen spaties voorkomen.

Een sigillum begint altijd met het acroniemen van de catalografische instelling (of de overkoepelende instelling, naar keuze van de instelling), volledig in hoofdletters.

Deze werkwijze leidt er toe dat:

  • er kan een globaal overzicht van de sigilla worden aangemaakt in Brocade, met alle sigilla geordend per instelling.
  • het is duidelijk tot welke instelling een sigillum behoort. Verwarring of dubbel gebruik is daardoor uitgesloten.

Voorbeeld:

  • KDG-IWT
  • UA
  • AP-KC

Het tweede deel, na het acroniem, wordt van het eerste deel gescheiden door een plat streepje, en is vrij te kiezen door de instelling.

Voorbeeld:

  • KDG-IWT-DeBondt
  • UA-CVUA
  • AP-KC-Brusselmans

40.2.3. Benamingen

De benamingen bij een sigillum zorgen ervoor dat een sigillum in de verschillende talen kan getoond worden in de OPACS.

40.2.4. In de OPAC?

Indien bij deze parameter wordt gekozen voor Ja, dan wordt het sigillum getoond in de OPAC; anders niet.

40.2.5. Conditiestaat?

Als bij deze parameter wordt gekozen voor Ja, dan wordt daarmee aangegeven dat het sigillum gebruikt wordt om de staat van een object aan te geven. In de lijsten van objecten resulteert dit in een aparte kolom, en op die manier kunnen die sigilla makkelijker worden getraceerd.