41. Downloaden van lijsten met extra gegevens

41.1. Constructie van de executable

Een executable kan er zo uitzien:

  • d %OneCloi^bcmgcsv(.RAttr,RDnode,0,0,”au,ca”,””,””)

Parameters die bepalen wat er met welke velden precies gebeurt na RDnode, gescheiden door komma’s:

  1. dienen de relaties te worden opgenomen? Waarde 0 (geen relaties) of 1
  2. dienen de plaatskenmerken te worden opgenomen? Waarde 0 (geen pk’s) of 1
  3. dienen personele auteur (au) of corporatieve auteur te worden omgezet? Indien leeg, wordt enkel de aloi getoond.
  4. leeg laten
  5. beperking van de te tonen velden. Indien leeg, worden de default velden opgenomen (zie catcsv). Indien ingevuld, worden enkel die velden opgenomen die worden vermeld. Indien bv. wordt ingevuld “number_issn”, dan wordt, buiten de cloi, enkel het issn nummer opgenomen.

41.2. catcsv

Bestaat uit volgende gegevens:

  • personele auteurs. Voor authority records: de alois omgezet, en dat zowel voor de hoofdvorm (in de kolommen voornaam en familienaam) als voor de gebruikte verwijzingsterm (kolom verwoording)
  • dragers
  • cloi
  • collaties
  • corporatieve auteur(s). Voor authority records: zowel de aloi van de gebruikte hoofdvorm of verwijzingsterm (in de kolom naam), als de verwoording van die code (in de kolom verwoording)
  • editie
  • einfo
  • impressum
  • infovelden voor catalografen
  • talen van de inhoud
  • lidmaatschappen
  • annotaties
  • bibliografische nummers
  • statusinformatie van het record
  • onderwerpstermen
  • titels